• Ds. Aalt Visser in de dorpskerk van Garderen. ,,Niet alle gemeenteleden bezoeken wekelijks de diensten. Ik moest daar eerst aan wennen. Toch heb ik hier vanaf dag één veel steun en samenwerking ervaren."

    Freek Wolff

Dominee Aalt Visser verruilt 'pareltje' in Garderen voor Zimbabwe

GARDEREN Het bloed kruipt waar het niet gaan kan. Ds. Aalt Visser (63) vertrekt met zijn vrouw Anneke nogmaals naar Zimbabwe, nadat hij in dit Afrikaanse land al vijf jaar werkte. Daarom neemt de predikant 19 november afscheid van de Hervormde gemeente Garderen (PKN).

Freek Wolff

Visser woont in Harderwijk. Op de dag van de uitzending wordt hij 64. Dan wordt de afscheidsdienst gehouden in de dorpskerk. Begin december vertrekt de predikant naar Zimbabwe, een land pal ten noorden van Zuid-Afrika. De werkgever voor Visser was van 2007 tot 2012 ook al de Gereformeerde Zendingsbond (GZB), een organisatie die decennia lang mensen uitzendt. ,,De laatste jaren legt de GZB het accent op uitzending door een eigen gemeente waar je aan verbonden bent. De eerste keer was dat vanuit Apeldoorn. De GZB faciliteert dit."

Visser was de eerste periode docent Bijbelse vakken (Oude Testament) aan het Murray Theological College op Morgenster, een missiepost van de Reformed Church of Zimbabwe, destijds gesticht vanuit Zuid-Afrika, met ook een hospitaal, een kerk en scholen. ,,Als docent was ik betrokken bij een opleiding voor (lokale) predikanten. Dat moest nog behoorlijk van de grond worden getild. Daarnaast gaf ik ook - samen met de studenten - bijbelcursussen voor leken."

IN AFRIKA NIET ALLEEN ZONDAG Vanaf het moment dat Visser in Garderen neerstreek, had hij het gevoel dat de periode in Zimbabwe iets met hem had gedaan. ,,Dat is in ons bloed gaan zitten. We hebben er ervaren dat geloven en kerk-zijn ook alles te maken heeft met je hele leven. In Afrika bestaat minder onderscheid tussen de zondagse kerkdiensten en de doordeweekse dagen. Het leven is dieper religieus getint en verweven. Toen we bijvoorbeeld onze auto kregen en drie mensen mee namen, begonnen ze te zingen en te danken voor het voertuig. Bovendien was er in die tijd een totale politieke en economische malaise. Er was bijna niks in de winkels te vinden. Ik ontmoette een jongeman die bij een lege vitrine stond. Desondanks zei hij dat het prima met hem ging. 'De Heer zal voor ons zorgen', was zijn credo. Het geloof is daar heel vitaal, dat hebben we ook in de omgang met de studenten en hun gezinnen ervaren. Het is hun diepere overtuiging. Dat hebben we meegenomen naar Nederland. Je merkt daar dat je deel uit maakt van de wereldkerk. Daar waren we ons voorheen niet zo van bewust."

Nederlandse kwesties over de manier van zingen of welke liederen je zingt of over welke vertaling je leest, zijn dingen die Visser, in het licht van de wereldkerk, van minder gewicht vindt. ,,Het gaat erom wie God in jouw leven is. Of je een lied of Psalm zingt, vlug of langzaam zingt, met drums of dansend, maakt niet uit. Ik zou het daarom lastig hebben gevonden als ik in Nederland terug was gekomen als dat soort discussies hoog op de agenda hadden gestaan en je daar veel energie in zou moeten steken. Dat is in Garderen niet het geval, hoewel er wel allerlei meningen bestaan. We vangen elkaar niet dat soort vliegen af. Er is ruimte."

Tegelijk had Visser in Zimbabwe op religieus vlak wel te maken met Afrikaanse tradities, waardoor zijn werk niet altijd eenvoudig was. ,,Het is belangrijk dat je die laag met elkaar erkent, want het is geen onzin, maar realiteit. Dan kun je samen kijken naar wat de Bijbel zegt over contact met voorouders, waarzeggerij en het oproepen van geesten. Je gaat op zoek om daar antwoord op te krijgen, niet meteen met een reactie dat het fout is wat ze doen. Om ze er zelf achter te laten komen dat het christelijke geloof geen angstgodsdienst is. Veel mensen uit Zimbabwe zijn bang dat de geesten hen ongunstig gezind zijn. Dat ze je ziek maken. Daar moet je dan het nodige tegen doen. Het is lastig om er los van te komen. Daar zijn geen methodes voor, maar het is een proces in de harten van de mensen zelf. Missionarissen in het verleden hebben dat weinig onderkend."

ZENDINGSWETENSCHAP In verschillende kerken ontwaarde Visser de helende werking van het christelijk geloof. ,,We willen samen met de kerk meer aandacht hebben voor de heelheid van het leven, de geestelijke kant, de lichamelijke kant en de sociale kant. Het geloof is mooi, maar hoe zit het met je lijf en je dagelijkse bestaan in de maatschappij? Vooral met het oog op de mensen in de marge. Hoe kunnen zij volop meetellen? Daarom is in het beleid van de GZB de laatste jaren ingestoken op 'inclusief gemeente-zijn'. Als christen ben je dat helemaal, met hoofd, hart en handen. Hoe geef je dat vorm? Dat er ook geloof is in kracht en genezing bijvoorbeeld. Een van mijn taken is om dat vorm te geven in een programma. Ik ga lesgeven in de zendingswetenschap (missiologie). Een ander deel van mijn toekomstige taak is met lokale gemeenen in contact te zijn om te helpen gestalte te geven aan dat christen zijn. In de totaliteit van het leven. Dan kun je ook meer dwarsverbindingen krijgen tussen de verschillende kerken."

De eerste christelijke gemeente in het Nieuwe Testament is een grote inspiratiebron voor Visser om zijn focus te richten op de basis van het gemeente zijn. ,,Daar is een eeuwenlange traditie overheen gekomen, maar mijn diepste verlangen is dat we gemeente zijn, zoals Jezus het heeft bedoeld. Dat heeft alles te maken met die wereldkerk."

De wieg van Aalt stond in 1953 in Urk. Na drie jaar groeide hij op in Epe op de Veluwe, waarna hij met zijn ouders verhuisde naar Barneveld. De vader van Aalt was ook predikant in de Nederlands Hervormde Kerk.

In 1973 ging hij theologie studeren in Utrecht. ,,Ik was op de middelbare school geïnteresseerd in de alpha-vakken, zoals filosofie en theologie. In die tijd had de vraag of God bestaat voor mij nog veel open eindjes, ondanks dat ik christelijk opgevoed was. En ik vroeg me af hoe je het geloof naar de mensen vertaalt."

Aalt kreeg het verlangen om het evangelie te verkondigen. ,,Dat was op het moment dat ik ervaarde dat Jezus Christus ook voor mij als persoon betekenis heeft, omdat Hij voor mij Zijn leven heeft gegeven. Een bijbelwoord was ingeslagen in mijn hart, dieper dan ik ooit had ervaren. Dat was tijdens het avondmaal bij de tekst 'Dit is Mijn lichaam dat voor u gegeven is'. Vanaf dat moment had ik de overtuiging dat ik dit met anderen wilde delen."

Visser trouwde met Anneke Mulder. Zij kregen zes kinderen. Hij werd op 25-jarige leeftijd predikant, met als eerste gemeente Nieuwland-Oosterwijk. ,,Vlak na mijn intrede, kreeg ik meteen te maken met overlijden van een moeder met zeven kinderen. Als broekie was dat niet eenvoudig. Je voelt je dan nog wankel en onzeker. Je kunt in zo'n situatie niet anders dan bij die mensen aanwezig te zijn. Een oefening om te luisteren als kersverse predikant. Maar ik heb ervaren dat het overlijden van mensen nooit went. Het is een heel moeilijk onderdeel in het pastoraat."

Na vier jaar vertrok Visser naar Wierden, waar hij een zelfde periode bleef in een ,,heel andere cultuur met een andere volksaard, daar in Twente." Hij ervaarde er een warme, maar gesloten gemeenschap en werkte er met veel plezier.

Putten was zijn volgende standplaats. Hij merkte er dat het oorlogsverleden diepe sporen had nagelaten bij de bevolking en ,,ook een geestelijke verdieping had veroorzaakt." Een periode van vijf jaar beleefde Visser in Voorthuizen, wat hij typeert als enerverende gemeente met veel diversiteit.

Vervolgens stond hij nog negen jaar in Apeldoorn. ,,Daar zag je een mengelmoes van mensen met allerlei kerkelijke en sociale achtergronden. Daarom had je er iets minder cohesie."

Visser had begin 2006 besloten voorlopig geen beroepen meer in overweging te nemen, maar toen kwam hem meerdere keren een advertentie voor ogen, waarin een docent bijbelse vakken in Zimbabwe werd gevraagd. ,,Op een of andere manier kon ik die niet weggooien. Er werd iets bij me losgemaakt. Doceren heeft altijd wel mijn belangstelling gehad. Na overleg met mijn vrouw en de vraag wat God wil, kwam de ene na de andere bevestiging. Ook onze zes kinderen stonden er achter." Daarom vertrok Visser in 2007 voor een Afrikaans avontuur.

Vervolgens kwam de voormalige zendingspredikant in 2012 naar Garderen, waar hij voor vijftig procent aan de slag kon, omdat het om een vrij prille PKN-gemeente ging (in 2007 begonnen met slechts dertien leden). Het oude kerkgebouw heeft de Hersteld Hervormde Gemeente nu in erfpacht, terwijl de PKN-gemeente er deels gebruik van maakt voor haar kerkdiensten. Visser ging in 2013 ook parttime werken in Bussum.

IMPACT VAN EEN OVERLIJDEN ,,De gemeente in Garderen bestaat uit een mix van mensen, ook van personen die geen binding meer hadden met een kerk.

Niet alle gemeenteleden bezoeken wekelijks de diensten. Ik moest daar eerst aan wennen. Toch heb ik hier vanaf dag één veel steun en samenwerking ervaren van de kerkenraad. We beleven de hervormde gemeente Garderen als een fijne, warme gemeente. Temidden van de vijf gemeentes die mijn vrouw en ik hebben gediend, vinden we dit wel een pareltje, kostbaar én kwetsbaar. De gemeenteleden zijn erg betrokken op elkaar en zijn er toe in staat om datgene wat ze hebben door te geven aan anderen.

Niet zo van 'We zitten hier knus bij elkaar'. Een voorbeeld is iemand die ernstig ziek werd en nog maar kort zou leven. De geestelijke verdieping die deze vrouw heeft ervaren, wilde zij graag delen met de gemeente. Dat groeide uit tot een cursus 'God ontmoeten in de stilte'. Anderen maakten een cursus over het avondmaal of de Heilige Geest. Dat had ik nog niet eerder bij een andere gemeente meegemaakt. De leden zijn er graag voor elkaar en willen zich geestelijk verdiepen."

Op papier heeft de kerk in Garderen nu 360 zielen en 170 pastorale eenheden. ,,Daarvan leven zo'n honderd mensen heel intens mee. Het mooie is dat er nu ook best veel personen komen voor wie de drempel van de kerk lange tijd te hoog was.

De kerkdiensten worden ook gehouden in zorgcentrum Dr. Kruimelstaete. Voor veel mensen is dat prettig, terwijl anderen liever juist naar het oude kerkgebouw komen."

De uitzending van de familie is voor tweeëneenhalfjaar. Daarna is het tijd voor Vissers pensioen. Hij gaat vermoedelijk terug naar Harderwijk. ,,Maar eerst maar eens kijken of het allemaal gaat, zoals we hopen dat het gaat."