• De buitenplaats Oldenaller, gelegen in de landelijke omgeving tussen Putten en Nijkerk, is in deze tijd van het jaar een sprookje. Voor het huis staat een ruim 160 jaar oude plataan, omringd door blauwe en witte boshyacinten. Ze beginnen nu te bloeien en in het kasteelbos hoor je het 'gekokker' van de reigers bij de nesten in de toppen van de bomen. De foto's zijn vorig jaar op ongeveer dezelfde tijd gemaakt.

    Rene_de_Graaff
  • De boshyacint is een zogenaamde stinzenplant. De grond is geschikt voor deze planten. Ze bloeien, voordat het bos in het blad komt.

    Rene_de_Graaff
  • De bloeiende boshyacinten in wit en blauw. Ze groeien en bloeien al vele jaren in het kasteelbos van Oldenaller.

    Rene_de_Graaff
  • De reigers nestelen al jaren in het kasteelbos van Oldenaller. De vogels zoeken voedsel in de nabijgelegen polder Arkemheen.

    Rene_de_Graaff

Voorjaar op landgoed Oldenaller

De buitenplaats Oldenaller ligt op de overgang van de Veluwe en het lage polderland langs het Veluwemeer. Verspreid staande boerderijen worden omringd door een afwisseling van hooggelegen akkers en lage weilanden, met daartussen veel bosjes en houtwallen. Vooral in de houtwallen en in de bosjes langs de beken bloeien veel zogenaamde stinzenplanten.

Gerrit de Graaff

De meeste planten beginnen in het voorjaar te groeien met veel groen. Ze verzamelen dan genoeg energie om in de zomer te kunnen bloeien. De stinzenplanten hebben dat niet nodig. Zij hebben hun voedingsstoffen opgeslagen in knolletjes, bolletjes en wortelstokken. Ze beginnen in het voorjaar meteen te bloeien: bosanemonen, speenkruid enz. zijn al uitgebloeid. Nu bloeien de witte en blauwe boshyacinten. Het ene jaar wat vroeger dan het andere jaar.

RIJKE HISTORIE In het noorden van de Gelderse Vallei, aan de oude Zuiderzeestraatweg tussen Putten en Nijkerk, ligt de buitenplaats Oldenaller. Het kasteel is vanaf de weg nog net te zien tussen de hoge bomen van het kasteelbos. De oprijlaan naar het kasteel begint bij de witte hekken van de brug over de Schuitenbeek. Hier is ook de parkeerplaats en een monumentje dat herinnert aan de aanslag in 1944 dat uiteindelijk aan vele inwoners van Putten het leven heeft gekost. De buitenplaats Oldenaller is al heel oud en heeft een rijke historie. Voorname families hebben er door de eeuwen heen gewoond. Van 1598 tot 1648 woonde het geslacht van de Raadpensionaris Johan van Oldenbarnevelt op Oldenaller. Het was toen een versterkte middeleeuwse boerderij die omgeven was door een gracht. Daarna komt Oldenaller in handen van Sybert van Wijnbergen. Deze liet in 1655 het huidige kasteel Oldenaller bouwen. Als bouwmeester wordt Jacob van Campen genoemd. Kasteel Oldenaller is symmetrisch gebouwd, met eromheen een rechtlijnig park, zoals dat gebruikelijk was.

PLATANEN In 1850 wordt Oldenaller verkocht aan Hendrik R. W. Baron van Goltstein, lid van de Eerste Kamer. Hij gaf architect K. G. Zocher opdracht het huis te vernieuwen en het park om te vormen in de Engelse landschapsstijl met zichtassen en kronkelpaden door het bos. Voor en achter het huis zijn toen platanen geplant. De dikke plataan voor het huis wordt omringd door boshyacinten. Later komt de familie Boreel op Oldenaller. Na het overlijden van jonkheer V.E.A. Boreel van Oldenaller, die koningin Wilhelmina jarenlang diende als opper-hofmaarschalk, kwam er een einde een reeks van bijzondere bewoners.

In 1972 wordt het 434 hectare grote landgoed Oldenaller, inclusief het kasteel en elf boerderijen verkocht aan Natuurmonumenten. Het kasteel wordt daarna grondig gerestaureerd en verhuurd aan een combinatie van wat oudere mensen. In het kasteel, het koetshuis en de oranjerie zijn in totaal zeven wooneenheden ingericht.

REIGERNESTEN In het hoge kasteelbos nestelen jaarlijks tientallen reigers. De grote vogels beginnen al in februari met de bouw van de nesten als de bomen nog kaal zijn. Ook nu, in de paasvakantie, zijn de nesten nog goed te zien. Iedereen kent de reiger. Het is een mooie vogel om te zien. Als hij rechtop staat is hij ruim 90 centimeter lang: de lange hals en poten inbegrepen. De rug van de reiger is grijsblauw en de kop en de borst zijn hoofdzakelijk wit. In het voorjaar wapperen aan zijn borst mooie sierveren. Over het oog is een brede zwarte streep te zien die overgaat in zwarte sierpluimen. De flinke snavel is geel. Hij kan daarmee evengoed een voorntje als een paling vangen. Ook spietst hij er mollen, ratten en muizen mee.

DE ROUTE Wie van Nijkerk over de Nijkerkerstraat naar Putten rijdt, ziet halverwege kasteel Oldenaller aan de linkerkant van de weg. Bij de witte hekken van de brug over de Schuitenbeek begint de oprijlaan naar het kasteel. Hier is een parkeerplaats en het oorlogsmonument. We zagen een wit vlindertje: het oranjetipje: het is nu echt voorjaar!